Een teruggetrokken vertaler – Marianne Kaas     141-150

Ton Naaijkens

De Belgisch-Franse auteur Jean-Philippe Toussaint laat bij een Berlijnse slager (rond de eeuwwisseling) plakjes aspic afsnijden, maar de vrouw in kwestie, ‘een nare, zware jonge vrouw’, doet dat flinterdun. ‘Dicker,’ zegt zijn ik.

 

Dat betekende het keerpunt in de ontmoeting, ik zei het zeer kortaf, en meteen keek ik haar indringend en vals recht in de ogen, ik gaf geen krimp, en op dat moment was het van twee dingen één, ofwel ze zou me beledigingen naar mijn hoofd slingeren, zeggen je bekijkt het maar en me, terwijl ze me de winkel uitschopte, aan mijn verstand brengen dat ze, aangezien ik niet had aangegeven hoe dik de plak moest zijn, er volkomen terecht van uitging dat ik maar een flintertje wilde (waar ik, als ze het in zeer rad Duits had gezegd, moeilijk iets tegen in had kunnen brengen), ofwel ze bond in en sneed de plak zoals ik die wenste. (19)

Toussaint – in Zelfportret (in den vreemde) – krijgt zijn plak aspic in de gewenste dikte. Het is een gebeurtenis van niets. Ook is het onduidelijk waarom hij het vertelt of wat de bijdrage zou kunnen zijn aan een zelfportret. Je neemt het als lezer aan. Even later, op Corsica, beleeft hij bij een jeu-de-bouleswedstrijd de naar verluidt mooiste dag van zijn leven.

Ange en ik vormden samen inderdaad een ploegje van gewiekste amateurs, gespitst op elk punt dat te scoren viel, nogal zuinig met onze ballen, die we omzichtig en met beleid wierpen na eerst de aard van het terrein aan een grondig onderzoek te hebben onderworpen, door hard met onze hielen te stampen om de mate van soepelheid en veerkracht van de bodem vast te stellen, alvorens nadenkend onze plaats in de werpcirkel in te nemen, dan neer te hurken en onverstoorbaar een boule te pointeren – een teampje dat het enigszins aan routine en behendigheid ontbrak, aan lenigheid ook, we waren niet meer zo piep, en uiteraard zonder de zwier waarover de equipes van onvervalste intuïtieve tireurs beschikken, meer een hechte eenheid dan dat we elkaar aanvulden (we pointeerden allebei, helaas, gehurkt op de grond, als oude baasjes). (26)

Ze winnen die dag en de prijs is een Corsicaanse ham. Er is voor de duidelijkheid geen verband tussen het bezoek aan de slager en de gewonnen ham. 

Lees verder in de papieren Filter