Woord vooraf    3

Cees Koster

De uitreiking dit jaar van de Martinus Nijhoff Prijs aan twee vertalers van kinder- en jeugdliteratuur, Annelies Jorna en Rolf Erdorf, kan beschouwd worden als een belangrijke stap in een emancipatieproces: een vorm van vertalen die nog vaak als een marginale aangelegenheid wordt gezien wordt hiermee op gelijke voet geplaatst met het soort vertalen waarmee nog het meest cultureel kapitaal kan worden vergaard, die van het literair vertalen. Filter heeft zich door de toekenning van de Nijhoff Prijs te laten inspireren tot het samenstellen van een special over de rol van vertaling in het veld van de kinder- en jeugdliteratuur. In het Nederlandse taalgebeid kan daarvoor geput worden uit een royaal arsenaal aan auteurs, want ook de studie van vertaalde kinder- en jeugdliteratuur wordt steeds meer beoefend, vanuit allerlei soorten kaders. Recht doen aan die variatie is een van de doelstellingen geweest bij de samenstelling van dit nummer. De specifieke invalshoek van Filter, de beschouwelijke blik, met oog voor de maatschappelijke rol van vertaling en voor de historische contextualisering ervan, is niet geschuwd. In dit nummer komt de geschiedenis van het vertaalde kinderboek in het Vlaanderen van de negentiende eeuw aan de orde (Van Coillie), de speciale positie van vertalingen van Nederlandstalige kinderboeken in Duitsland (Kluitmann) en de kwantitatieve rol van vertaling in het Nederlandstalige systeem van het kinder- en jeugdboek (Koster). Er is aandacht voor de sociale en pedagogische factoren die een rol hebben gespeeld bij de vertaling van specifieke werken (Castel over ‘Hans en Grietje’ en Surmatz over ‘Pippi Langkous’). Er wordt getheoretiseerd over de complexiteit van de communicatiesituatie bij vertaalde kinder- en jeugdliteratuur (Desmidt) en er wordt geprobeerd de relatie tussen specifieke leeftijdscategorieën en selectiemechanismen bloot te leggen (Koster). Case studies worden afgewisseld met meer historisch en theoretisch georiënteerde artikelen. Een aantal artikelen (Van Coillie en Koster tweemaal) is gebaseerd op nieuw onderzoek, waarvan hier voor het eerst de resultaten worden gepubliceerd.

Dit nummer is mede tot stand gekomen dankzij een financiële bijdrage van het Prins Bernhard Cultuurfonds.

Lees meer over: