Als een malle – de minder bekende broer van Jack     122-131

Onno Kosters

In Dialogen schrijven: Laat je personages spreken stelt Don Duyns: ‘[D]e dialoog is de snelste weg naar het hart van de lezer, de toeschouwer en de toehoorder [...] Dialoog is het meest individuele expressiemiddel dat de (drama)schrijver bezit; het geeft kleur, kraak en smaak aan fictiewerken’ (12, 14). In de bundel worden voetangels en klemmen die bij het schrijven van dialogen de kop opsteken uitgebreid over het voetlicht gebracht. Opvallend is echter de geringe aandacht voor het (effect van) idioom (‘voetangels en klemmen’, ‘de kop opsteken’, ‘over het voetlicht gebracht’; ik noem maar een dwarsstraat). Jan Brokken ziet in het (overdadig) gebruik van al te hedendaags idioom zelfs een gevaar: ‘Iedere periode heeft haar stop- en modewoorden, waarvan schrijvers die hun personages scherp willen neerzetten door middel van idioom, dankbaar gebruikmaken. Het nadeel is dat boeken pijlsnel verouderen’ (90). Hij verwijst naar Voskuils gebruik van ‘mieters’, ‘een verschrikkelijk jarenvijftigwoord’ (90).

Lees verder in de papieren Filter