Gisteren nog sprak ik de dood, vandaag ben ik bang    52-56

Christophe Declerq

I don’t believe in God, but I miss Him. That’s what I say when the question is put. I asked my brother, who has taught philosophy at Oxford, Geneva and the Sorbonne, what he thought of such a statement, without revealing that it was my own. He replied with a single word: ‘Soppy.’ (1)

Ik geloof niet in God, maar ik mis Hem. Dat zeg ik als we tot stemming overgaan. Toen ik mijn broer, die filosofie heeft gedoceerd aan de Sorbonne, in Oxford en in Genève, vroeg wat hij van zo’n uitspraak vond (zonder te zeggen dat hij van mij kwam), bestond zijn antwoord uit één woord: ‘klef’. (7)

Julian Barnes, tweeënzestig, drie keer op de shortlist voor de Man Booker Prize en Commandeur de l’Ordre des Arts et des Lettres, denkt de laatste tijd erg veel na over de dood en gedurende 250 bladzijden confronteert hij de lezer met deze thanatofobie: fictie, memoire, biografie, familiekroniek, essay of zelfs filosofie, Nothing To Be Frightened Of / Niets Te Vrezen, vertaald voor Atlas door Sjaak de Jong2, is een niet alledaags werkstuk. Volgens Pieter Steinz bezit Barnes dan ook het ‘vermogen om te spotten met literaire conventies en tegelijkertijd pakkende verhalen in diverse stijlen te vertellen’ (nrcboeken.nl).

Lees verder in de papieren Filter