Vertaaldag  Archief

2017

2016

2015

2014

2013

Download het artikel

Onderhuidse intimiteit, termietengrappen en authentieke dialecten

David Mitchell

Ik moet toegeven dat ik, toen ik het woord ‘vertaalprijs’ hoorde, had gedacht dat die in een kroeg zou worden uitgereikt. Als ik had geweten dat ik de crème de la crème van de Nederlandse literatuur zou gaan toespreken, dan zou ik op z’n minst een acht pagina’s tellende speech vol geestigheden en eruditie hebben voorbereid. Jammer genoeg zult u het de komende vier tot vijf minuten moeten doen met een onsamenhangende stream of consciousness, een wandeling door mijn hoofd. Ik zal het dus kort houden, ook omdat jullie vertalers zijn en ik niet wil dat jullie op je vrije dag moeten werken.

Eigenlijk ben ik hier niet als schrijver, maar vooral als fan. Ik ben fan van drie groepen mensen hier.

Eén: Ik ben fan van het Nederlands Letterenfonds. In 2004 gaven ze me wat geld, of nou ja, gaven… Ik kreeg geld om bij het NIAS onderzoek te doen voor het boek dat in het Nederlands (even denken hoe je het ook alweer uitspreekt) Jacob de Zoet heet. Het boek zou zonder jullie vrijgevigheid ook zijn uitgegeven, maar het zou niet hetzelfde boek zijn geweest en het zou lang niet zo authentiek en vast ook niet zo succesvol zijn geworden. Dus heel erg bedankt voor jullie vrijgevigheid!

Dank ook dat jullie me hebben uitgenodigd voor deze feestelijke bijeenkomst. Toen Harm en Niek hier net samen op het podium hun dankwoord uitspraken, leek het wel het tegenovergestelde van dat banket in New York een paar weken geleden, toen Hillary Clinton en Donald Trump waren uitgenodigd om aardige dingen over elkaar te komen zeggen. Als de verkiezingen anders waren gelopen, als de uitslag anders was geweest, zou het gouden materiaal voor een soap zijn geweest. Helaas bleek het serious business te zijn en fascinerende tv op te leveren…

Ik ben ook fan van vertalers, vertalers in het algemeen. Ik onderschrijf elk woord van de laudatio die juryvoorzitter Suze van der Poll zo vriendelijk voorlas. Aangezien ik samen met mijn vrouw zelf een en ander heb vertaald, maar dan uit het Japans in het Engels, weet ik wat ik jullie heb aangedaan. Het spijt me, het spijt me echt heel erg. Het is ook een vreemd soort intimiteit… Er zijn maar weinig dingen zo hartstochtelijk als je relatie met je eigen taal, en jullie kennen mijn relatie met taal beter dan ikzelf, dat meen ik echt. Jullie doorzien hoe ik schrijf, jullie kennen mijn favoriete woorden, zien dingen die mij niet opvallen. Het is een intimiteit die op de een of andere manier onderhuids is, een mentale intimiteit, en ik kan me geen twee Nederlandse heren indenken die ik liever door de krochten van mijn brein laat dwalen dan jullie.

Ik ben ook fan van vertalers omdat 2016 een vreselijk jaar is geweest. Politiek en ideologisch gezien is de mensheid al sinds de middeleeuwen bezig de steile hellingen van de Verlichtingsberg te beklimmen: we klauteren een stukje omhoog, glijden dan weer een eindje omlaag, klauteren weer wat omhoog en glijden weer een eindje omlaag. Over het geheel genomen zijn we door de eeuwen heen vooral verder omhoog gekomen, maar in 2016 zijn we driehonderd meter naar beneden geroetsjt. En juist op zo’n moment heb je vertalers nodig. Iets wat dichters vroeger zeiden was dat dichters de geheime wetgevers van de wereld zijn [‘Poets are the unacknowledged legislators of the world’, Shelley]. Helaas is dat onzin. Het is leuk bedacht, maar het is niet waar.

Hoe zou de wereld eruitzien zonder tolken en vertalers? Kijk naar alle internationale organisaties die niet zouden kunnen bestaan zonder jullie werk, of naar mijn moeder die thuis een boek zit te lezen dat is vertaald uit het Zweeds of Nederlands of Chinees. Dat zou ze simpelweg niet kunnen doen. En dat terwijl romans… de kracht van romans is dat ze je op een magische, maar toch ook niet-magische wijze uit je eigen huid kunnen laten stappen en je op de een of andere manier in de huid van iemand anders, in de kleren van iemand anders kunnen laten kruipen. Ongeacht geslacht, ongeacht leeftijd, ongeacht nationaliteit en ongeacht welke stammenstrijd ook. Dat is wat een roman als beste kan, beter dan wat dan ook. Een roman kan dat zelfs bij uitstek. Jou in staat stellen in het lichaam van een ander te kruipen. Dat zou niet kunnen zonder vertalers. Ja, je kunt in een ander lichaam kruipen in je eigen taal, maar zonder vertalers kom je niet verder dan dat. Je kunt niet de grens over, geen boeken uit andere talen lezen. Dus, in dit jaar waarin de Britten hun schepen hebben verbrand en hun tunnels hebben dichtgestort, is het goed om te bedenken dat liefde, vrede en begrip voor elkaar op internationaal gebied geen schijn van kans maken zonder vertalers.

Ik ben fan van… Ik ben fan van…

Ja, ik ben fan van Niek en Harm! Waarom ben ik fan van Niek en Harm? Ik lees natuurlijk geen Nederlands dus op grond van mijn eigen kennis en ervaring kan ik eigenlijk niet weten hoe goed ze zijn. Maar er zijn twee goede indicaties als je probeert te ontdekken wat de kwaliteit is van een vertaling in een taal die je niet spreekt. De eerste is als andere schrijvers, meestal journalisten, naar je toe komen en zeggen: ‘die vertalers van je, wauw geweeeeeldig!’ Ze hebben geen reden om dat tegen je te zeggen, ze hoeven je geen goed gevoel te geven. Ze hebben je niet betaald en ze worden er zelf ook niet voor betaald. Maar dit gebeurt, en niet zo nu en dan, maar regelmatig. Het verrast me niet meer wanneer Nederlandse journalisten jullie werk prijzen.

17.18_DamsmaMiedema

Harm Damsma en Niek Miedema

De andere goede indicatie is wanneer lezers naar je toe komen, bij een evenement of signeersessie of wat dan ook, en zeggen: ‘Ik had geen idee dat hier een woord voor bestond in het Engels.’ Het woord is zo perfect, voelt zo Nederlands, dat het voor Nederlandse lezers niet aanvoelt als vertaald. Ze zeggen: ‘Nee nee, dit unieke Nederlandse concept is een Néderlands concept en kan absoluut niet tot een andere taal behoren.’ Als vertaler weet je dat dit wel zo is, of bijna altijd zo is, en je maakt het plaatje compleet. Nogmaals, als ik in Nederland ben hoor ik vaak: ‘Ik wist niet dat daar een Engelse uitdrukking voor bestond’, omdat de vertalingen niet aanvoelen als vertalingen. Ze voelen alsof je gewoon een Nederlands werk aan het lezen bent.

Ik ben fan van Niek en Harm omdat ik Niek een tijdje terug advies heb gevraagd over grappen. Humor is heel belangrijk in het leven en juist daarom vind ik humor ook heel belangrijk in boeken, zelfs in de duisterste fictie, misschien júíst wel in de duisterste fictie. Dus vroeg ik Niek het volgende over een grap voor in één van mijn boeken; ik had twee grappen die even goed waren, eentje was taalgebonden en eentje was dat niet. Dus bijvoorbeeld: ‘Een skelet loopt een kroeg in en zegt: “Doe mij maar een biertje en een dweil”.’ Dat is geen taalgebonden grap. Hij werkt in elke taal. Maar een mop als: ‘Een termiet loopt een kroeg in en vraagt aan de barman: “Excuse” (dit zijn termieten, dus die hebben een hoge stem) “Excuse me, where is the bar tender?”’ Hij bedoelt dat hij wil weten waar de bar, het hout, zacht of ‘tender’ genoeg is om in te bijten. Dit is een taalgebonden grap en nu ik weet hoe het is om een boek te vertalen, weet ik ook dat ik mijn vertalers flink wat hoofdpijn kan bezorgen met een termietengrap of ze een ochtendje vrij kan geven door een skelettengrap te gebruiken. Ik vroeg Niek wat hij liever had, en hij antwoordde: vergeet ons, wij bestaan niet. Als jij je skelettengrap gebruikt, prima, dan vertalen we die, maar als je voor de termietengrap gaat, dan gaan wij gewoon op zoek naar een andere mop die nog leuker is.

De derde reden waarom ik zo’n fan ben van Niek en Harm is de volgende: in Jacob de Zoet zitten Nederlandse personages, maar zelf schreef ik natuurlijk in het Engels. En aangezien de personages uit het verhaal uit verschillende delen van Nederland kwamen, wilde ik ze in verschillende dialecten laten spreken, dus legde ik als het ware mijn kaart van Nederland boven op die van het Verenigd Koninkrijk. Als iemand in Noord-Nederland woonde, gaf ik ze een Schots of Yorkshire-accent, en als ze uit het zuiden kwamen, of uit Amsterdam of zo, dan gaf ik ze een bekakt accent, met hun sociale klasse in gedachten. Niek en Harm vonden het maar al te leuk om daar commentaar op te leveren: ‘Natuurlijk is je boek niet slecht, maar onze vertaling is veel authentieker.’ Want zij konden natuurlijk de échte dialecten gebruiken die ik in het Engels probeerde weer te geven. Dat is me altijd bijgebleven en het doet me ook denken aan de allerbeste grap uit de Star Trek-films, als de Klingons kapitein Kirk plagen door te zeggen: ‘Je kunt Shakespeare natuurlijk pas écht waarderen als je hem in het oorspronkelijke Klingon hebt gelezen.’ Veel dank voor uw aandacht, dit gaat niet over mij maar over Niek en Harm, dus wil ik u graag vragen om Niek en Harm nog één keer een hartelijk Amsterdams applaus te geven voor hun werk. Veel dank.

Vertaling: Marije Kok

 

Bij de uitreiking van de Vertaalprijzen van het Nederlands Letterenfonds werden de laureaten Harm Damsma en Niek Miedema aldus toegesproken door hun Britse auteur David Mitchell, die als surprise guest zijn opwachting maakte bij de Literaire Vertaaldagen, 9 december 2016, Amsterdam.