Vertaaldag  Archief

2017

2016

2015

2014

2013

Download het artikel

De recensent vertaalt

Daan Stoffelsen

Eigenlijk was het een vertaalklus. Toen ik 5 maart aan de boekenredactie van NRC Handelsblad voorstelde om de nieuwe roman van Sarah Hall, The Wolf Border, te bespreken, realiseerde ik me niet wat ik me op de hals had gehaald. Hall (1974) is een van Granta's Best Young Novelists, was genomineerd voor de Booker en is bekroond met de BBC National Short Story Award. In The Wolf Border (2015) komt de wolf, de wilde wolf terug in Groot-Brittannië, voor het eerst sinds 1680. Dankzij Rachel Caine, die een wolvenproject in Idaho leidde, en nu in dienst van een excentrieke rijke graaf een wolvenpaar uit Roemenië laat invliegen.

Het probleem: ik wilde snel leveren, maar de Nederlandse vertaling verscheen pas na de zomer, dus ik moest mijn stuk inleveren met eigen vertalingen. Ook al wist ik dat het boek voor de krant minder urgentie zou hebben, en de bespreking dus niet direct gepubliceerd zou worden. Maar die vertaling moest. Want wat ik ook wilde zeggen over het boek – de overtuigende karaktertekening, de spannende plot, de maatschappelijke dimensie –, Halls stijl moest getoond, benoemd en geprezen worden. Ik moest citeren.

Halls boek verscheen in maart in het Verenigd Koninkrijk, mijn recensie was 9 mei af, 1 juni leverde Wim Scherpenisse zijn vertaling in bij Ambo|Anthos, 31 juli verscheen mijn recensie in NRC Handelsblad, 27 augustus verscheen de vertaling.

Sarah Hall , 2011 (foto Richard Thwaites)

Sarah Hall, 2011 (foto Richard Thwaites)

April
Ik koos deze passage, waarin Rachel lyrische natuurbeschrijving mengt met overwegingen over natuur en eigendom. Het toont Halls stilistische wendbaarheid – elders is ze juist sober, ze kent ook de kracht van staccato –, én de filosofische achtergrond van nieuwe natuur. De wolven worden vrijgelaten uit quarantaine, in een groter reservaat.

Below, the wolves are assessing the opportunity, she knows, looking beyond the wolfery at the new horizons, the heather still burning with flower, burrows, smelling the stag musk, rowan and mountain streams, the citadels of rock. It will not take them long to be restored, she thinks. Their lost ancestral home, their unbelonging, reversed. Nothing of history will matter to them; land is land, articulate, informative; soon they will dominate Annerdale. Wherever they are released, the world over, their geomorphic evolution is remarkably swift.

Maar stijl weergeven, en zeker de meer gedragen delen, is voor een amateur niet eenvoudig. Ik besloot na mijn eerste poging mijn oom en tante te mailen. René van de Weijer en Stanneke Wagenaar vertaalden Kuifje en strips van onder anderen Tardi, Pratt, Manara, en non-fictie van onder anderen Darian Leader en Mary Roach. Nu zijn ze met pensioen. Ik mailde ze 13 april. Ik had vooral idiomatische vragen: ‘Wat moet ik met “burning with flowers”? Met “stag musk”? En mag ik die present continuous zo vertalen?’

Beneden, weet ze, schatten de wolven hun kansen in, ze kijken voorbij de wolverij naar de nieuwe horizons, de hei, nog volop in bloei, de schuilplaatsen, ruiken de lucht van herten, lijsterbes en bergbeken, de stenen burchten. Lang zal het ze niet kosten hersteld te worden, denkt ze. Hun verloren voorouderlijk huis, hun onteigening, teruggedraaid. Niets van de geschiedenis zal hen iets doen; land is land, uitgesproken, informatief; al snel zullen ze Annerdale overheersen.

‘Net nu ik mijn vertalershoofd opgelucht (in die kleine veertig jaar nooit door de mand gevallen) te ruste had gelegd,’ schreef mijn oom René meteen terug. ‘En het valt dan ook meteen in het slot als ik begin na te denken. Dit is wel een typisch Engelse, ingewikkelde stijl, waar je als vertaler in moet groeien, en dat maakt het voor jou en mij wel erg lastig. [...] Ik zit nog typisch in de eerste vertaalfase: je leest het boek en denkt voortdurend, jezus, wat bedoelt ze, hoe moet ik dit in godsnaam vertalen, hier kom ik nooit achter.’ En kon ik de vertaler niet vast benaderen? ‘Je hebt geen idee hoeveel het scheelt als je eenmaal aan een schrijver “gewend” bent.’

Ja, er waren idiomatische kwesties waar we al snel uitkwamen: ‘burrows’ (neutraler: ‘holen’), ‘stag musk’ (hoeveel woorden moet dat in het Nederlands kosten? Ik wilde niet te veel interen op de eigenlijke recensie), ‘restored’ (‘hun draai gevonden’?), ‘unbelonging’ (niet eerder ‘ontheemdheid’?), ‘articulate’ (‘ondubbelzinnig’?). Het probleem waar onze correspondentie zich al snel op ging concentreren was de opsomming ‘looking beyond the wolfery at the new horizons, the heather still burning with flower, burrows, smelling the stag musk, rowan and mountain streams, the citadels of rock’.

Wat doen die wolven? Ze kijken naar de horizon, de hei, de holen, ze ruiken de geur van mannetjesherten en lijsterbes. Vooruit, ook de bergbeken. Maar die burchten? René: ‘Het makkelijkst zou het zijn als je die gewoon kon ruiken, als poep. [...] In het verleden loste ik dat soort dingen vaak op met een gedachtestreepje: – de rotsburchten. Maar dat is hier nogal nadrukkelijk. En aan de andere kant, wolven zijn goede ruikers, een rotsburcht is misschien kinderspel voor ze.’

Ik mailde diezelfde dag NRC Handelsblad met een eerste versie van 900 woorden. Hoeveel moest ervan af? Moest het citaat wijken? Maak het af op 750 woorden, schreef Arjen Fortuin. Het citaat bleef.

Mei
Ik mailde Ambo|Anthos begin mei. Hoever was de vertaler? Jennifer Boomkamp schreef: ‘Wim [Scherpenisse] levert over twee weken de vertaling in – ik wil je dan met alle plezier het Word-document doorsturen. Het boek verschijnt in september en ik hoop dat de recensie tegen die tijd gepland staat; het zou zonde zijn als deze veel eerder verschijnt.’

Ze had gelijk, natuurlijk: als snelle lezer zie je je bespreking het liefst direct in de krant. Met dat in het achterhoofd had ik gelezen en geschreven. Het stuk was af, vooruit! Maar voor een groter publiek is het zinniger als het stuk bij verschijning van de vertaling komt. Toch hield ik me maar aan mijn aanvankelijke tijdschema. 9 mei stuurde ik de 750 woorden naar Arjen Fortuin. Het zou hoe dan ook afwachten worden wanneer het stuk een plekje kreeg. De vertaling werd zo:

Beneden, weet ze, taxeren de wolven hun kansen, ze kijken voorbij de wolverij naar de nieuwe horizons, de hei in vurige bloei, de holen, ruiken de hertenbokken, lijsterbessen en bergbeken, de rotsburchten. Lang zal het ze niet kosten hun draai te vinden, denkt ze. Hun verloren voorouderlijk huis, hun ontheemding, teruggedraaid. De geschiedenis telt voor hen niet; land is land, ondubbelzinnig, informatief; al snel zullen ze Annerdale overheersen.

René, die nog even had meegekeken, schreef me: ‘Ik ben benieuwd hoezeer Scherpenisses vertaling zal verschillen van de jouwe; dat kan een boel zijn, hoor.’

Juni
1 juni stuurde Jennifer Boomkamp me het Word-document van Wim Scherpenisse.

Daar beneden schatten de wolven hun kansen in, weet ze, ze kijken naar de nieuwe horizons buiten de wolvenkooi, naar de hei die nog steeds in felle kleuren bloeit en de holen, de rotscitadellen, en ze ruiken de muskuslucht van de hertenbokken, de lijsterbessen en de bergbeekjes. Het zal niet lang duren voordat ze zich hebben hersteld, denkt ze. Dan horen ze hier weer thuis. De geschiedenis laat ze onverschillig; land is land, welsprekend, informatief; weldra zullen ze heersen over Annerdale.

Een boel:
- ‘inschatten’ voor ‘taxeren’ (na mijn eerste poging als germanisme gesneuveld)
- ‘wolvenkooi’ voor ‘wolverij’ (dat was dan ook een neologisme)
- ‘felle kleuren’ voor ‘vurig’
- ‘rotscitadellen’ voor ‘rotsburchten’
- ‘hersteld’ voor ‘hun draai vinden’ (zoals bij mijn eerste poging)
- ‘Dan horen ze hier weer thuis’ voor ‘Hun verloren voorouderlijk huis’
- ‘hun ontheemding’, teruggedraaid
- ‘welsprekend’ voor ‘ondubbelzinnig’

En dertien woorden extra, die moesten elders in de bespreking geschrapt worden.

Maar natuurlijk zou ik de professionele vertaling gebruiken. Scherpenisse kende Hall beter dan wij, en hij had wel ons probleem opgelost door de burchten naar voren te halen. Maar de muskuslucht had zich uitgebreid tot bessen en beekjes. Ik mailde Scherpenisse, hij antwoordde: ‘Ja, die muskuslucht had ik ook gezien, dat zal nog wel wat schaven worden. Er zijn meer van dat soort lange deinende opsommingen in het boek, en soms moet je een zin flink omgooien om het in het Nederlands leesbaar te houden. Anderzijds: Hall schrijft soms stug, opzettelijk hobbelig, en je wilt in een vertaling niet álles gladpoetsen, al ontkom je daar nooit helemaal aan.’

15.51_boekomslag

De hobbels bleven – ook in de definitieve vertaling. En hoewel de verschillen tussen mijn en zijn vertaling wel aanleiding gaven tot een vertaalkritische zin in mijn bespreking, zag ik daar vanaf. Ik had het boek in het Engels gelezen, de bespreking zou nog altijd vóór verschijning gepubliceerd worden, en deze kritiek zou te gedetailleerd zijn voor een groter publiek. Twee oneigenlijke argumenten speelden mee: uitgeverij en vertaler hadden zich zeer coöperatief opgesteld, die te vroege recensie was al onaangenaam voor ze, om dan ook nog te gaan zeuren over ‘in felle kleuren’, ‘hersteld’ of de ‘muskuslucht van bergbeekjes’. En: waar moest ik de woorden vandaan halen?

Juli/augustus
Dat laatste argument bleek nog minder van belang toen mijn stuk ingekort werd voor publicatie. Zelfs de vermelding van Scherpenisses naam bij de aankondiging van de vertaling sneuvelde. Sorry, Wim! Ik nam me dus voor in mijn volgende stuk voor NRC de vertalers ín de bespreking te noemen (al kost het me ditmaal acht woorden), dat schrapt lastiger voor de opmaker. Uiteindelijk is het geschrapt in de tekst, maar staan Arjaan van Nimwegen, Gerda Baardman en Thijs van Nimwegen wel naast mijn bespreking van Claire Vaye Watkins Goud roem citrus. Missie geslaagd.

Maar het citaat bleef. In al de verschillende loyaliteiten die ik had – tegenover vertaler, Nederlandse uitgever, de krantenlezer die me liefst totaal onafhankelijk ziet, oom en tante, auteur - kon ik Sarah Hall recht doen. Het citaat bleef, en het boek kwam. Sarah Halls De komst van de wolven, lees dat boek.

 

Besproken boeken
Sarah Hall, The Wolf Border. Faber & Faber, 2015.

Sarah Hall, De komst van de wolven. Vertaald door Wim Scherpenisse. Ambo|Anthos, 2015.

 

Noot
Wim Scherpenisse lichtte op mijn verzoek op Athenaeum.nl de eerste zin van zijn vertaling toe. Hall werd geïnterviewd door Arjan Peters voor de Volkskrant (abonnees of gratis proberen). Mijn bespreking is op Blendle (€ 0,29) en NRC.nl (abonnees of betaald) te lezen.

 

Daan Stoffelsen (1981) is bij Athenaeum Boekhandel verantwoordelijk voor de website met literaire kritiek, voorpublicaties en interviews. Daarnaast is hij redacteur van De Revisor en recenseert hij Engelse en Amerikaanse literatuur voor NRC Handelsblad.