Vertaaldag  Archief

2017

2016

2015

2014

2013

Download het artikel

Een nieuwe taal met ‘cioccolata calda’

Isabelle Bambust

Eén van de allergrootste mysteries van het onnozele kleine kind dat wij allemaal eens waren, is dat het een taal of talen kan leren spreken zonder dat het daar de minste last van ondervindt. Later beseft de volwassen geworden mens niet hoe dat precies gebeurde. Ik beschik niet over klinkend materiaal wat mijn eerste natuurlijke taalexploten betreft, hooguit een paar opnames van kleuterliedjes en kleuterdichtjes. Wel bezit ik een summiere schriftelijke aanwijzing, met name het commentaar van mijn moeder bij een foto van mijn eerste verjaardag waarop ik het kaarsje op de taart poog uit te blazen: ‘blazen als de slechtste, maar praten als de beste.’ De vraag is of moeders in dergelijke aangelegenheden als neutrale arbiters kunnen optreden. Enkele maanden voor mijn tweede verjaardag volgt een officiëlere verklaring rond mijn prille Nederlandstaligheid. Het boekje ‘Moeder- en Kinderzorg’ vermeldt: ‘Vormt zinnetjes!’

15.31.1

Aan die laatste verklaring denk ik ontroerd terug wanneer ik in de paasvakantie van 2015 met mijn geliefde de Italiaanse hiel – de streek van Puglia – verken. Opnieuw praat ik voor het eerst in volwaardige eenvoudige zinnetjes. In het Italiaans. Deze keer word ik het gewaar en voel ik hoe het gebeurt… Het is een sleutel tot een nieuwe vrijheid.

Het ‘taalsuddert’ onder mijn hersenpan en er is niets zo zalig als de Italiaanse ‘moedertaligen’ met taalvragen of taaleigenaardigheden te confronteren en vervolgens onderdanig de Italiaanse uitleg aan te horen. Veelal glimlachen mijn geliefde en ik dan naar elkaar, en bij thuiskomst wordt de ‘Zingarelli’ grijs gebladerd.

15.31.2_1

Ik richt mij tot u met een selectie van vijf persoonlijke juveniele Italiaanse taalgewaarwordingen.

Met betrekking tot mijn eerste taalbeleving: ik weet niet of u in Italië weleens een warme chocolademelk hebt gedronken? Een klein lepeltje kan daar meestal rechtop in blijven staan. Het gaat dus eerder om een soort warme chocoladepudding. Welnu, in Lecce zie ik voor dit brouwsel de benaming ‘cioccolato caldo’ staan – caldo betekent ‘warm’ – en in Alberobello ‘cioccolata calda’.

15.31.3_1

15.31.3_2

Alleen ‘cioccolata calda’ is volgens de ‘Zingarelli’ juist. Inderdaad, ‘cioccolato’ duidt alleen op chocolade als vaste materie. ‘Cioccolata’ duidt daarnaast ook nog de chocoladedrank aan. De Italiaanse ‘Accademia della Crusca’ buigt zich tevens over het verschil tussen ‘cioccolato’ en ‘cioccolata’. Ik hoor de niet in het Italiaans geïnteresseerde al zeggen: ‘Ach, wat maakt het uit, cioccolata calda of cioccolato caldo, door het “warmte-adjectief” gaat het toch sowieso om chocolade in gesmolten toestand.’ Dat is waar, maar er is natuurlijk meer dan dat, want de warme chocoladedrank wordt uiteraard bereid met melk, ‘con latte’. Ook de gesmolten toestand verschilt wanneer het enerzijds gaat om een gesmolten reep en anderzijds om de bereide drank.

15.31.4

Wanneer we deze informatie transplanteren naar de gerechtelijke wereld, kan ik u immers wijzen op een Frans arrest van het hof van beroep van Versailles dat op woensdag 21 maart 2012 werd uitgesproken. Hier volgt een passage van de beslissing: ‘Monsieur X a été accusé d’avoir répandu du chocolat chaud sur le tableau de bord de son autobus le 28 février 2008 et d’avoir ainsi provoqué une panne qui s’est produite le lendemain aux environs de 09h00.’ In vrije vertaling geeft dit: ‘Mijnheer X werd beschuldigd van het feit dat hij warme chocolademelk over het dashboard van zijn autobus heeft verspreid en dat hij daardoor een panne heeft veroorzaakt die zich de dag nadien rond 9:00 uur heeft gemanifesteerd.’ Bij een eventuele vertaling van ‘chocolat chaud’ in ‘cioccolata calda’ speelt de perceptie van de Italiaanstalige met een Italiaanse culturele achtergrond een grote rol. Inderdaad, de lezer van de in het Italiaans vertaalde warme chocolademelk zal eerder een dikke chocoladeblubber voor zich zien, terwijl het bij het Franse voorval om een veel minder dichte chocoladedrank gaat die wellicht vlugger en dieper in het dashboard kon doordringen. In die taalcontext zou het goed zijn indien de vertaler zou preciseren: ‘cioccolata calda, pero non densa’ – vrije vertaling: ‘chocolademelk die echter niet dik is.’  

De tweede Italiaanse taalbeleving leidde tot een persoonlijk ongenoegen. Voor het woord ‘vliegtuig’ kan men ‘aeroplano’ gebruiken. ‘Luchthaven’ heeft met het Italiaanse ‘aeroporto’ een zelfde samenstelling. Doch, het Italiaanse afgekorte woord voor ‘vliegtuig’ is niet ‘aero’ maar ‘aereo’. Ik begrijp niet hoe men aan de ene kant in samengestelde woorden beide voorvoegsels  ‘aereo-’ en ‘aero-’ toelaat, maar men aan de andere kant niet het woord ‘aero’ voor ‘vliegtuig’ aanvaardt… 

15.31.5

De derde beleving vindt zijn oorsprong in mijn liefde voor de Franse taal. Meer dan tien jaar geleden waagde ik mij aan het opstellen van een lijst van alle Franse woorden eindigend op het achtervoegsel ‘-icule’. Een Franstalige kennis had namelijk beweerd dat die woorden bijna allemaal mannelijk waren. Ik wou het tegendeel bewijzen. Welnu, het Franse woord ‘véhicule’ (voertuig) wordt bijvoorbeeld naar het Italiaanse ‘vehicolo’ vertaald, waardoor het mannelijk genre duidelijk wordt. Ook in het Frans is het woord ‘véhicule’ mannelijk. Het Italiaanse achtervoegsel ‘-icolo’ of ‘-icola’ verraadt dus meteen het geslacht van de woorden. De Franse lijst opent deuren naar woorden in het Italiaans die erg gelijklopend zijn. Zo waagde ik mij in Lecce tot het Italiaanse woord voor ‘hittegolf’ en sputterde ik verkeerdelijk ‘canicula’ met de klemtoon op ‘cu’. Het juiste woord is ‘canicola’ met de nadruk op ‘ni’. Aangezien de taligheid en de daarmee verband houdende taalgevoeligheid van sommige Italianen niet erg groot is, kan een enkele verkeerde letter of een verkeerde intonatie soms op een absoluut taalonbegrip stuiten…

Mijn hart gaat uit naar de volgende vierde positieve taalbeleving. De Italiaanse woordenschat kan soms zo verbazingwekkend primitief beschrijvend zijn. Ik houd daar ontzettend van. Zo kent de Italiaanse taal geen apart woord voor ‘teen’. De teen wordt omschreven als zijnde een vinger van de voet: ‘dito del piede’. 

Tot slot de vijfde en laatste beleving van mijn kleine Italiaanse bloemlezing. De ‘zomertijd’ is in het Italiaans niet ‘ora estiva’, maar ‘ora legale’. Ik ben voorstander van een dergelijke meer abstracte en juiste benaming. De astronomische zonnetijd wordt bij benadering bepaald door de vierentwintig vastgelegde aardse uurgordels. Wat wij de zomertijd noemen, wordt bekomen door een wijzigende tussenkomst van de wetgever met betrekking tot die astronomische tijd. Die interventie leidt tot een wettelijk uur, een ‘ora legale’. De Italiaanse benaming is dus niet seizoensgebonden. De taallogica wordt echter niet doorgetrokken naar het ‘winteruur’ waarvoor men meestal de benaming ‘orario invernale’ gebruikt.

 

Isabelle Bambust (Isabelle.Bambust@UGent.be) verricht sinds 2012 onderzoek aan de Universiteit Gent rond de taalbescherming inzake de grensoverschrijdende mededeling van gerechtelijke documenten.