Galerij: 5 Moby Dick en het verradersgevoel    46-49

Barber van de Pol

Of hij een vertaalklus had; die groeiden toen nog aan de bomen. En zo kreeg ik op een dag op een terras van Mark Pieters het verzoek – het voelde als een aanzoek – om Moby Dick te vertalen.

Bij de titel van dat toch desperate boek word ik al vrolijk. Zie ik bijvoorbeeld een boot die ernaar is vernoemd, dan klopt de wereld weer. Mijn werkkamer hangt vol verbeeldingen van het spekkige dier, door kleinkinderen gemaakt terwijl ze luisterden naar de plaat vol walvisgeluiden die een vriend me gaf. Ik ben speciaal naar Surhuisterveen gereden om een nieuwe platenspeler te kopen.

Op die tekeningen staat soms alleen een staart die recht in zee verdwijnt, de vinnen in het verlengde van het lijf. Goed gezien! Soms lacht het dier, zoals wanneer het speelt met de kleintjes, en al is deze intimiteit op kindermaat gesneden, ze past bij Melvilles liefdevolle benadering. Reimer, aanvoerder van de walvistekenaars, had ooit een potvisknuffel. Er lopen hier twee denkbeeldige bullebakken rond, Bildad en Peleg, om boeven buiten de deur te houden.

Moby Dick (1851) was te wild en vreemd voor het puriteinse Amerika waar de schrijver zelf bij hoorde. Melville was van zijn geloof aan het vallen, gaf lucht aan homo-erotische gevoelens en besloot sowieso niet langer zijn lezers tegemoet te komen. Na vijf jaar waarin het hem als auteur voor de wind ging met liefst vijf kaskrakers, koos hij voor het literaire avontuur. Kern daarvan is een geproblematiseerd zelfonderzoek. Het heeft hem geen geluk gebracht, of het moet dat van de grote miskende zijn, een trots die niet past bij zo’n tobber. De respons bij zijn leven was nul komma nul.

Lees verder in de papieren Filter