Wat staat er eigenlijk in de tekst?    3-11

Een vertaler en zijn onbehagen

Philippe Noble

Wat is het verschil tussen een tekst en dezelfde tekst als hij eenmaal vertaald is? Mag men dan nog zeggen dat het dezelfde tekst is? Of is het een nieuwe tekst? En zo ja, hoe verhoudt deze zich tot de oorspronkelijke tekst? Wat voor gedaantewisseling heeft die eerste tekst dan ondergaan? En trouwens, kan dat wel, vertalen? Is elke tekst in zijn eigenheid niet principieel onvertaalbaar?

Dat zijn alleszins interessante, zelfs prangende vragen, maar die houden de vertalers meestal niet bezig. Vertalers zijn vaak van mening dat zij de mogelijkheid van het vertalen voldoende bewijzen door het zelf te doen, zoals de oude filosoof Diogenes de mogelijkheid van het bewegen bewees door zelf een stap te zetten. Bovendien gaat het publiek ervan uit, als het een vertaling leest, dat het een boek van een bekend auteur leest, en niet het product van de nijverheid van een onbekende vertaler. Waarom zouden vertalers zich dan het hoofd moeten breken over verschillen die in de ogen van het publiek niet bestaan of over vragen die hun lezers niet bezighouden? Deze vragen vinden vertalers misschien wel interessant, maar niet voor zichzelf, eerder voor academici, voor vertaalwetenschappers. En er bestaat, zeker in Nederland, enig wantrouwen bij de eerste groep jegens de laatste, of men dat nu betreurt of niet.

Dublin2

Persoonlijk betreur ik het. Naast het uitoefenen van verschillende beroepen vertaal ik sinds het einde van de jaren zeventig van de vorige eeuw Nederlandstalige werken in het Frans. Nu, meer dan dertig jaar later en veertig boeken verder, wordt het misschien tijd dat ik nadenk over wat ik al zo lang doe. En hierbij vind ik steun bij het werk van vertaalwetenschappers. Niet dat ik de vertaalwetenschap systematisch verken, verre van dat. Ik probeer eerder bij wetenschappers een bevestiging te vinden van wat ik voel, en zoek bij hen een rationele verklaring voor een zeker onbehagen dat de praktijk van het vertalen bij mij in de loop der jaren steeds meer is gaan oproepen. Hoe dat onbehagen te omschrijven? Naarmate ik me scherper bewust werd van de moeilijkheden die ik bij het vertalen moest overwinnen, groeide ook mijn onzekerheid ten opzichte van de te vertalen tekst. Was dertig jaar geleden de vraag die mij bezighield: ‘hoe kan ik in mijn taal het best weergeven wat er staat?’, nu is het eerder ‘maar wat staat er eigenlijk?’ en ‘welke keuzes moet ik maken om de boodschap, of één van de mogelijke boodschappen, enigszins te benaderen?’ Deze ontwikkeling zal menigeen als een regressie in de oren klinken, ik ervaar het eerder als een vooruitgang. En dat zal ik nu met een paar algemene beschouwingen en een paar voorbeelden trachten te illustreren.

Lees verder in de papieren Filter